Maak je content toegankelijk voor iedereen. Deze praktische gids helpt je de belangrijkste WCAG-regels toe te passen in je dagelijkse werk.
Waarom is dit belangrijk voor jou?
Wil je dat jouw content zoveel mogelijk mensen bereikt? Dan is toegankelijk schrijven essentieel. Als redacteur bepaal je of mensen je boodschap kunnen lezen en begrijpen.
Duidelijke koppen en begrijpelijke linkteksten helpen mensen met een functiebeperking. Tegelijk wordt je content beter vindbaar in zoekmachines. En een logische structuur zorgt ervoor dat alle lezers je boodschap sneller begrijpen.
Begin direct met het publiceren van toegankelijke content, want achteraf aanpassen kost veel meer tijd.
Je belangrijkste taken
1. Structureer je content met koppen
Gebruik de kop-opmaak in je pagina-editor om je content logisch op te delen. Een goede kop vertelt duidelijk waar de tekst of het onderdeel over gaat.
De regels:
- Begin altijd met een H1 met het onderwerp van de pagina
- Gebruik H2 voor hoofdonderwerpen
- Gebruik H3 voor subonderwerpen onder een H2
- Gebruik maximaal één H1 per pagina
- Sla geen kopniveaus over: ga niet van een H2 direct naar H4
Voorbeeld:
<!-- Goed voorbeeld -->
H1: Aanmelden voor dit webinar
H2: Wat leer je?
H2: Voor wie is dit webinar?
H3: Beginners
H3: Gevorderden
H2: Praktische informatie
Tip: Vergelijk de koppen van een pagina met een inhoudsopgave. Kunnen gebruikers door alleen de koppen te lezen begrijpen waar de pagina over gaat?
De 5-minuten check
- Maak een koppenlijst:
- Ga door je pagina
- Schrijf alle koppen op (H1, H2, H3, etc.)
- Nummer ze in volgorde
- Controleer de logica:
- Begint je pagina met een H1?
- Sla je geen niveaus over? (niet van H2 naar H4)
- Beschrijft elke kop de content die eronder staat?
- Test met een schermlezer:
- Start je schermlezer
- Druk op H (NVDA) of Control + Option + Command + H (VoiceOver)
- Luister naar de koppen
- Begrijp je de structuur?
Let op: Gebruik kop-stijlen niet om tekst op te maken volgens een bepaalde styling maar echt alleen voor structuur.
2. Schrijf duidelijke linkteksten
Schrijf linkteksten die vertellen waar de link naartoe gaat. Vermijd generieke linkteksten zoals “lees meer” of ”klik hier”.
Voorbeeld:
- ❌ Fout: ”Voor meer informatie over linkteksten, klik hier”
- ✅ Goed: ”Lees meer over linkteksten”
De 5-minuten check
- Ga door alle links op je pagina
- Controleer de linktekst:
- Is duidelijk waar de link naartoe gaat?
- Kun je dit begrijpen zonder de omringende tekst?
- Vermijd “klik hier”, “lees meer”, “meer info”
- Test met een schermlezer:
- Start je schermlezer
- Druk op K (NVDA) of Control + Option + Command + L (VoiceOver)
- Luister naar de links
- Begrijp je waar de link naar toe gaat?
3. Schrijf tekstalternatieven voor afbeeldingen
Voeg bij elke afbeelding een korte beschrijving toe die vertelt wat de afbeelding laat zien of doet.
Bepaal in welke categorie je afbeelding valt
Andere tips:
- Houd het tekstalternatief kort: maximaal 150 tekens
- Gebruik geen “afbeelding van” of “foto van”
Voorbeelden:
- ❌ Fout: “IMG_20250613.jpg”
- ✅ Goed: “Team viert succes met taart en slingers”
- ❌ Fout: “afbeelding van een man”
- ✅ Goed: “Man in pak presenteert naast whiteboard met cijfers”
Is de afbeelding alleen maar voor decoratie? Laat dan het tekstalternatief leeg.
4. Schrijf duidelijke en unieke paginatitels
Geef elke pagina een titel die duidelijk beschrijft waar de pagina over gaat.
De perfecte paginatitel:
- komt overeen met de eerste kop van de content op de pagina
- begint met het onderwerp van de pagina en eindigt met de organisatie
- is uniek binnen de website
Voorbeeld:
- ❌ Fout: “Home”
- ✅ Goed: “Kennisbank digitale toegankelijkheid – WCAG.nl”
De 5-minuten check
- Bekijk de browsertab van de pagina:
- Staat er een duidelijke titel?
- Weet je direct waar je bent?
- Test met meerdere pagina’s:
- Open 5 pagina’s van je website
- Heeft elke pagina een unieke titel?
- Kun je ze uit elkaar houden door de tabbladen?
Hulpmiddelen voor redacteuren
Koppenstructuur bekijken:
- headingsMap (browser extensie)
- Toont een overzicht van al je koppen en landmarks
- Laat sprongen in niveaus zien
- Download headingsMap:
Contrast controleren:
- Colour Contrast Analyser (CCA) (software)
- Berekent de contrastverhouding tussen 2 kleuren
- Kleurcodes of pipet
- WCAG Color contrast checker (browser extensie)
- Toont een overzicht van alle kleurcombinaties
- Controleert direct de contrastverhouding
- Download WCAG Color contrast checker:
Lees meer over hulpmiddelen bij het toetsen
Praktische tips
Afbeeldingen
- Geef informatieve afbeeldingen een tekstalternatief. Beschrijf wat je ziet én welke informatie de afbeelding overbrengt.
- Is een afbeelding puur decoratief? Laat het tekstalternatief dan leeg. Voeg geen beschrijving toe.
- Geef afbeeldingen die ook als link worden gebruikt een tekstalternatief. Beschrijf waar de link naartoe gaat.
- Geef afbeeldingen die ook als knop worden gebruikt een tekstalternatief. Beschrijf de actie van de knop.
- Staat er zichtbare tekst in een afbeelding die ook als knop of link werkt? Zorg dan dat het tekstalternatief dezelfde tekst bevat.
- Gebruik geen afbeeldingen van tekst. Gebruik in plaats daarvan gewone tekst met opmaak.
Formulieren
- Geef elk invoerveld een zichtbaar en beschrijvend label. Gebruik geen placeholdertekst als vervanging voor een label.
- Markeer verplichte velden duidelijk in het label bij het veld. Of op formulierniveau, bijvoorbeeld met “(verplicht)”.
- Schrijf foutmeldingen die benoemen in welk veld de fout zit, wat er fout is en hoe je het oplost.
- Geef invoervelden het juiste doel mee. Vul het
autocomplete-attribuut in als je CMS dat ondersteunt.
Media
- Voeg bij elk geluidsfragment een transcript toe. Zet het in de buurt van het fragment. Neem alle gesproken tekst, alle belangrijke geluiden en de namen van de sprekers op.
- Heeft een filmpje geen geluidsspoor? Voeg dan een transcript of een geluidsspoor toe als de beelden informatie overbrengen.
- Voeg ondertitels toe bij vooraf opgenomen filmpjes. Neem alle gesproken tekst, alle belangrijke geluiden en de namen van sprekers op.
- Voeg een audiodescriptie toe bij filmpjes waar de beelden informatie overbrengen die niet in het geluidsspoor zit.
- Zorg dat geluid dat automatisch afspeelt te pauzeren of te dempen is.
- Zorg dat bewegende content zoals carrousels en animaties te pauzeren of te stoppen is.
- Gebruik geen flitsende of knipperende content die meer dan 3 keer per seconde flitsen.
Navigeren
- Geef elke pagina een duidelijke paginatitel die het onderwerp beschrijft.
- Schrijf linkteksten die vertellen waar de link naartoe gaat. Vermijd vage teksten zoals “klik hier” of “lees meer”.
- Gebruik voor dezelfde functies en onderdelen steeds dezelfde naam op elke pagina.
Ontwerp
- Gebruik kleur nooit als enige manier om informatie over te brengen, een actie aan te geven of een element te onderscheiden. Voeg ook tekst, iconen of patronen toe.
- Zorg voor minimaal 4,5:1 contrastverhouding tussen tekst en achtergrond.
- Gebruik je grote tekst (minstens 24px of 18,5px vetgedrukt)? Zorg dan voor minimaal 3:1 contrastverhouding.
- Zorg dat onderdelen in grafieken en diagrammen minimaal 3:1 contrastverhouding hebben ten opzichte van aangrenzende kleuren.
Tekst
- Gebruik de kop-opmaak in de editor. Gebruik H1 voor de hoofdtitel. Bouw je koppen daarna logisch op (H1 → H2 → H3).
- Zorg dat elke kop het onderwerp van de onderliggende tekst beschrijft.
- Gebruik de lijst-opmaak in je editor als je een opsomming maakt. Gebruik een ongeordende lijst voor losse punten en een geordende lijst voor stappen.
- Gebruik de tabel-opmaak in je editor als je een tabel maakt. Voeg tabelkoppen toe die beschrijven wat er in de kolom of rij staat.
- Stel de taal van de pagina in via je CMS.
- Staat er tekst op de pagina in een andere taal? Geef die tekst dan de juiste taalcode mee, bijvoorbeeld
lang="en"voor Engelse tekst. - Verwijs niet alleen naar kleur, vorm of positie. Schrijf niet “klik op de groene knop” of “zie het kader rechts”. Benoem ook de naam of functie van het onderdeel.
Handige bronnen
Succescriteria
Alle succescriteria waar redacteuren bij betrokken is:
Afbeeldingen
- 1.1.1 Niet-tekstuele content
- 1.4.5 Afbeeldingen van tekst
- 1.4.11 Contrast van niet-tekstuele content
- 2.3.1 Drie flitsen of beneden drempelwaarde
- 2.5.3 Label in naam
Bediening
Beweging
Formulieren
- 1.3.1 Info en relaties
- 1.3.5 Identificeer het doel van de input
- 1.4.11 Contrast van niet-tekstuele content
- 2.4.6 Koppen en labels
- 3.3.1 Foutidentificatie
- 3.3.2 Labels of instructies
- 3.3.3 Foutsuggestie
Media
- 1.1.1 Niet-tekstuele content
- 1.2.1 Louter-geluid en louter-videobeeld (vooraf opgenomen)
- 1.2.2 Ondertitels voor doven en slechthorenden (vooraf opgenomen)
- 1.2.3 Audiodescriptie of media-alternatief (vooraf opgenomen)
- 1.2.4 Ondertitels voor doven en slechthorenden (live)
- 1.2.5 Audiodescriptie (vooraf opgenomen)
- 1.4.2 Geluidsbediening
- 2.3.1 Drie flitsen of beneden drempelwaarde
Navigeren
Ontwerp
Techniek
Tekst
- 1.3.1 Info en relaties
- 1.3.3 Zintuiglijke eigenschappen
- 1.4.3 Contrast (minimum)
- 2.4.2 Paginatitel
- 2.4.4 Linkdoel (in context)
- 2.4.6 Koppen en labels
- 3.1.1 Taal van de pagina
- 3.1.2 Taal van onderdelen
- 3.2.4 Consistente identificatie
Meer hulp nodig?
Heb je vragen, wil je advies of een onderzoek laten uitvoeren? Ik werk als WCAG-onderzoeker bij WCAG.nl. Mail me op niek@wcag.nl.