2.5.7 Sleepbewegingen

Succescriterium 2.5.7 Sleepbewegingen

Alle functionaliteit die voor de bediening gebruik maakt van een sleepbeweging kan worden bereikt door een enkele aanwijzer zonder slepen, tenzij slepen essentieel is of de functionaliteit wordt bepaald door de user agent en niet wordt aangepast door de auteur.

Noot

Deze eis is van toepassing op webcontent die acties met de aanwijzer interpreteert (d.w.z.: dit geldt niet voor acties die vereist zijn om de user agent of hulptechnologie te bedienen).

Sleepbewegingen begrijpen (Engelstalig)

Werkt een functie op je website met slepen? Zorg dan dat dezelfde functie ook werkt zonder slepen, met één aanwijzer. Bijvoorbeeld met tappen of klikken.

Bij slepen doe je vier dingen:

  1. Je tapt of klikt op een element.
  2. Je houdt je vinger of de muisknop ingedrukt.
  3. Je beweegt de aanwijzer naar een andere plek.
  4. Je laat los op het eindpunt.

Voorbeelden van slepen zijn:

  • een landkaart verschuiven
  • de volgorde van een lijst aanpassen
  • een taak naar een andere kolom slepen op een taakbord
  • de schuifknop van een schuifregelaar verplaatsen
  • een selectiekader trekken

Niet iedereen kan slepen. Sommige mensen gebruiken een trackball, een hoofdaanwijzer, oogbesturing of een muis die ze met spraak bedienen. Anderen kunnen door een motorische beperking niet tegelijk iets ingedrukt houden en bewegen.

Het alternatief mag een ander bedieningselement op dezelfde pagina zijn, zolang het hetzelfde resultaat geeft. Een invoerveld telt ook. Bijvoorbeeld een veld om de waarde van een schuifregelaar in te typen. Een alternatief met alleen het toetsenbord is niet genoeg.

Er zijn twee uitzonderingen:

  • Slepen is echt nodig voor de functie, zoals bij tekenen uit de vrije hand.
  • De browser bepaalt de functie en jij past die niet aan. Bijvoorbeeld scrollen door de pagina of door een scrollbaar gebied.
Info

Bij slepen tellen alleen het begin- en eindpunt. De route ertussen maakt niet uit. Maakt de richting of de route wel uit. Dan is het een padgebaseerd gebaar. Dat valt onder 2.5.1 Aanwijzergebaren.

Hoe pas je dit toe?

  • Bied bij elk meerpuntsgebaar een alternatief dat werkt met één klik of tap. Bijvoorbeeld knoppen om in en uit te zoomen bij een kaart.
  • Bied bij elk padgebaseerd gebaar een alternatief zonder vast pad. Bijvoorbeeld knoppen voor vorige en volgende bij een carrousel.
  • Zorg dat het alternatief met een aanwijzer werkt, een sneltoets of de pijltoetsen alleen is niet genoeg.

Voor wie is dit belangrijk?

  • Mensen die alleen het toetsenbord gebruiken.
  • Mensen die een fysieke of motorische beperking hebben.

Wie is verantwoordelijk?

  • Vormgever
  • Ontwikkelaar

Hoe toets je dit?

Benodigdheden
  • Computer met touchpad of touchscreen
  • Smartphone of tablet
Uitzonderingen

Uitzonderingen zijn:

  • functies waarvoor slepen essentieel is
  • functies die worden bepaald door de browser en niet worden aangepast door de auteur
Testprocedure

Test 1: Sleepbewegingen

  1. Verken de pagina met muis en touchscreen
    • Bepaal welke functionaliteit werkt met een sleepbeweging:
      • Sorteerbare lijsten
      • Taakborden met kolommen
      • Schuifregelaars
      • Landkaarten die te verschuiven zijn
      • Kleurkiezers
      • Selectiekaders en verbindingslijnen tussen items
  2. Controleer voor elke gevonden functie:
    • Of dezelfde functie te bereiken is met een enkele aanwijzer zonder slepen

Belangrijk om te weten

  • Bij een sleepbeweging tellen alleen het begin- en eindpunt. Maakt de richting of route uit, zoals bij vegen door een carrousel? Dan valt de functie onder 2.5.1 Aanwijzergebaren.
  • Het alternatief mag een ander bedieningselement op dezelfde pagina zijn, als het hetzelfde resultaat geeft.
  • Een alternatief dat alleen met het toetsenbord werkt, telt niet mee

Voorbeelden van alternatieven

  • Bij een schuifregelaar: tappen of klikken op de balk, knoppen om de waarde te verhogen of te verlagen, of een invoerveld voor de waarde
  • Bij een sorteerbare lijst of taakbord: knoppen om een item te verplaatsen, of een menu met een optie als “Verplaats naar …”
  • Bij een landkaart: knoppen om de kaart omhoog, omlaag, naar links of naar rechts te verschuiven
  • Bij een kleurkiezer: tappen of klikken op een andere plek in het kleurenwiel, of invoervelden voor de kleurwaarde
  • Bij een selectiekader of verbindingslijn: twee losse taps of klikken voor het begin- en eindpunt
Beoordeling
  • Alle functionaliteit die werkt met een sleepbeweging moet te bereiken zijn met een enkele aanwijzer zonder slepen

Bronnen

Andere richtlijnen

Lees verder

Laatst gewijzigd op