2.5.1 Aanwijzergebaren

Succescriterium 2.5.1 Aanwijzergebaren

Alle functionaliteit waarmee bij de bediening gebruik wordt gemaakt van meerpunts- of padgebaseerde gebaren, kan worden bediend met een enkele aanwijzer zonder een padgebaseerd gebaar, tenzij een meerpunts- of padgebaseerd gebaar essentieel is.

Noot

Deze eis is van toepassing op webcontent die acties met de aanwijzer interpreteert (NB: dit geldt niet voor acties die vereist zijn om de user agent of hulptechnologie te bedienen).

Aanwijzergebaren begrijpen (Engelstalig)

Werkt een functie op je website met een gebaar van meerdere vingers? Of met een beweging langs een vast pad? Zorg dan dat dezelfde functie ook werkt met één aanwijzer, zonder vast pad. Bijvoorbeeld met:

  • tappen of klikken
  • twee keer tappen of dubbelklikken
  • lang indrukken

Het gaat om twee soorten gebaren:

  • Meerpuntsgebaren: gebaren met twee of meer vingers tegelijk. Bijvoorbeeld zoomen met twee vingers (pinch-to-zoom), draaien met twee vingers (two-finger rotation) of vegen met drie vingers.
  • Padgebaseerde gebaren: gebaren waarbij de richting of de route van de beweging uitmaakt. Bijvoorbeeld vegen (swipe) door een carrousel of een patroon tekenen om in te loggen.

Niet iedereen kan deze gebaren maken. Sommige mensen bedienen een touchscreen met één vinger, een stylus of een hoofdaanwijzer. Anderen gebruiken oogbesturing of een muis die ze met spraak bedienen. En sommige mensen kunnen door een motorische beperking geen precieze bewegingen maken.

Een alternatief met het toetsenbord is niet genoeg. Wie alleen een aanwijzer gebruikt, moet de functie ook met die aanwijzer kunnen bedienen.

Er zijn twee uitzonderingen:

  • Het gebaar is echt nodig voor de functie, zoals bij het zetten van een handtekening.
  • Het gebaar hoort bij het besturingssysteem, de browser of hulptechnologie. Bijvoorbeeld inzoomen op de hele pagina, of terugvegen naar de vorige pagina.
Info

Bij slepen tellen alleen het begin- en eindpunt, niet de route ertussen. Slepen valt onder 2.5.7 Sleepbewegingen.

Hoe pas je dit toe?

  • Bied bij functionaliteit die gebruik maakt van meerpuntsgebaren ook een alternatief met een enkele klik of tap.
  • Bied bij functionaliteit die gebruik maakt van padgebaseerde gebaren ook een alternatief zonder vast pad.
  • Zorg dat het alternatief met een aanwijzer werkt, een sneltoets of de pijltoetsen alleen is niet genoeg.

Voor wie is dit belangrijk?

  • Mensen die alleen het toetsenbord gebruiken.
  • Mensen die een fysieke of motorische beperking hebben.
  • Mensen die een cognitieve, taal- of leerbeperking hebben.

Wie is verantwoordelijk?

Hoe toets je dit?

Benodigdheden
  • Computer met touchpad of touchscreen
  • Smartphone of tablet
Uitzonderingen

Uitzonderingen zijn:

  • functies waarvoor een meerpunts- of padgebaseerd gebaar essentieel is
  • het gebaar hoort bij het besturingssysteem, de browser of hulptechnologie
Testprocedure

Test 1: Aanwijzergebaren

  1. Open de te testen webpagina op een smartphone of tablet
  2. Verken de pagina met touchscreen
    • Bepaal welke functionaliteit werkt met een meerpuntsgebaar:
      • Zoomen met twee vingers in een kaart of afbeeldingsviewer
      • Draaien met twee vingers
      • Vegen of tappen met twee of drie vingers
    • Bepaal welke functionaliteit werkt met een padgebaseerd gebaar:
      • Vegen door een carrousel of tussen tabbladen
      • Een schuifregelaar die alleen reageert als de beweging horizontaal begint
      • Een patroon tekenen
      • Een handtekening zetten
  3. Controleer voor elke gevonden functie:
    • Of dezelfde functie te bedienen is met een enkele aanwijzer zonder padgebaseerd gebaar

Belangrijk om te weten

  • Een schuifregelaar of carrousel vraagt soms alleen op een touchscreen om een padgebaseerd gebaar. De browser vat een verticale beweging daar op als scrollen.
  • Bij slepen tellen alleen het begin- en eindpunt. Dat is geen padgebaseerd gebaar (zie 2.5.7 Sleepbewegingen).
  • Een alternatief dat alleen met het toetsenbord werkt, telt niet mee.

Voorbeelden van alternatieven

  • Bij zoomen of draaien met twee vingers: knoppen om in en uit te zoomen of te draaien
  • Bij vegen door een carrousel: knoppen voor vorige en volgende
  • Bij een schuifregelaar: tappen op de balk, of knoppen om de waarde te verhogen of te verlagen
  • Bij een taakbord waar items met vegen naar een andere kolom gaan: het item selecteren en daarna een pijlknop activeren
Beoordeling
  • Alle functionaliteit die werkt met een meerpuntsgebaar moet te bedienen zijn met een enkele aanwijzer zonder padgebaseerd gebaar
  • Alle functionaliteit die werkt met een padgebaseerd gebaar moet te bedienen zijn met een enkele aanwijzer zonder padgebaseerd gebaar

Bronnen

Andere richtlijnen

Lees verder

Laatst gewijzigd op