1. Introductie
Mijn naam is Niek Derksen, ik ben onderzoeker (of auditeur) op het gebied van digitale toegankelijkheid. Ik werk bij WCAG.nl. Hier richt ik mij inmiddels al bijna 7 jaar op het uitvoeren van WCAG-onderzoeken. Daarnaast adviseer ik redacties en webontwikkelaars bij het doorvoeren van verbeteringen.
Ik heb [websitenaam] getoetst aan de toetsbare eisen (succescriteria) van de Web Content Accessibility Guidelines (WCAG).
2. Functiebeperkingen
Link: Functiebeperkingen in Nederland
Toegankelijke websites zijn beter te gebruiken door mensen met een functiebeperking. Ongeveer (25 tot) 32% van de Nederlanders heeft zo’n functiebeperking. Deze groep bestaat uit mensen met een:
Auditieve beperking
- Mensen die doof of slechthorend zijn.
- Mensen die een auditief verwerkingsprobleem hebben.
Visuele beperking
- Mensen die blind of slechtziend zijn.
- Mensen die kleurenblind zijn.
Cognitieve of neurologische beperking
- Mensen die een taal- of leerstoornis hebben.
- Mensen die moeite hebben met concentreren of gemakkelijk afgeleid zijn.
- Mensen die moeite hebben om informatie te verwerken.
- Mensen die een beperking aan het geheugen hebben.
Fysieke of motorische beperking
- Mensen die moeite hebben met de motoriek (spasmen of tremors).
- Mensen die moeite hebben met bewegen (artritis, reuma of RSI).
- Mensen die een ledemaat missen.
Spraakbeperking
- Mensen die moeite hebben met het uitspreken van klanken, woorden en zinnen (apraxie).
- Mensen die moeite hebben met articulatie (dysarthria).
- Mensen die stotteren.
Of een combinatie hiervan.
Ook ouderen, laaggeletterden, digibeten en mensen die de taal niet machtig zijn kunnen digitale drempels ervaren.
Eigenlijk heeft iedereen weleens te maken met een tijdelijke beperking:
- In een stiltecoupé kun je bijvoorbeeld niet zomaar een filmpje met geluid bekijken.
- Met je hand in het gips is scrollen op je telefoon lastig.
3. Hulptechnologieën
Mensen die een functiebeperking hebben gebruiken vaak specifieke hulpmiddelen. Laten we kijken naar de meest gebruikte hulptechnologieën:
Schermlezer
Mensen die blind of slechtziend zijn gebruiken vaak een schermlezer. Een schermlezer zet tekst om in spraak of braille, en kondigt daarbij alle elementen aan die het tegen komt: afbeeldingen, links, koppen, lijsten, invoervelden, enz.
Deze mensen lopen hierdoor mogelijk tegen problemen aan met:
- Informatie die alleen met vormgeving wordt overgebracht.
- Afbeeldingen die geen alternatief in tekst hebben.
- Taal die in de code niet juist is ingesteld.
Eigen voorkeur
Mensen die slechtziend zijn passen soms hun browser aan naar hun eigen voorkeuren, zoals het inzoomen op de pagina of het aanpassen van kleuren of lettertypen naar hun eigen behoeften.
Zij lopen hierdoor mogelijk tegen problemen aan met:
- Content die wegvalt bij inzoomen.
- Content die wegvalt bij het aanpassen van kleuren of lettertypen.
Toetsenbord
Veel mensen die moeite hebben met motoriek of met bewegen kunnen niet of niet goed werken met een muis en gebruiken daarom mogelijk alleen het toetsenbord (of zelfs een alternatieve toetsenbordinterface).
Zij lopen hierdoor tegen problemen aan met:
- Functionaliteit die niet te bedienen is met het toetsenbord.
- Elementen zonder zichtbare focusindicator.
- Functionaliteit waarvoor swipe-bewegingen of pinch-to-zoom nodig is.
4. WCAG
Link: Richtlijnen voor toegankelijkheid van webcontent
Om websites voor iedereen toegankelijk te maken voor mensen met verschillende functiebeperkingen zijn er richtlijnen ontwikkeld. Deze richtlijnen noemen we de Web Content Accessibility Guidelines (richtlijnen voor toegankelijkheid van webcontent). Hierin staan een groot aantal (toetsbare) eisen om websites toegankelijk te maken. Tijdens een onderzoek toetsen wij aan, en rapporteren wij over, deze toetsbare eisen.
In WCAG 2.1 AA zijn er 50 van deze toetsbare eisen. In WCAG 2.2 AA zijn er 56 van deze toetsbare eisen.
De WCAG zijn gebaseerd op 4 principes:
- Waarneembaar: Zorg dat de content zichtbaar is met beschikbare zintuigen.
- Bedienbaar: Zorg dat de content bedienbaar is met beschikbare invoerapparatuur.
- Begrijpelijk: Zorg dat de content voor iedereen te begrijpen is.
- Robuust: Zorg dat de content ook kan worden gelezen door browsers en hulptechnologieën.
De principes zijn onderverdeeld in 13 richtlijnen. Elk van deze richtlijnen is voorzien van toetsbare eisen (of ‘succescriteria’).
5. Wetgeving
Link: Nederlandse wetgeving
In Nederland bestaan verschillende wettelijke verplichtingen rondom digitale toegankelijkheid:
Tijdelijk besluit digitale toegankelijkheid overheid
Verplicht overheidsinstanties om hun websites en apps toegankelijk te maken.
European Accessibility Act
Europese wetgeving die toegankelijkheidseisen stelt aan producten en diensten.
Wet gelijke behandeling
Verbiedt discriminatie op grond van handicap of chronische ziekte.
6. Richtlijnen toepassen
Link: Richtlijnen voor toegankelijkheid van webcontent → Richtlijnen toepassen