De Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte (Wgbh/cz) beschermt mensen met een beperking of chronische ziekte tegen discriminatie. De wet bestaat al sinds 2003.
Ieder mens moet in staat worden gesteld aansluitend bij zijn eigen mogelijkheden autonoom te zijn.
Artikel 01 Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte
De wet is gebaseerd op artikel 1 van de Grondwet en de EU-richtlijn voor gelijke behandeling in arbeid en beroep (richtlijn 2000/78/EG). In 2016 ondertekende Nederland het VN-verdrag voor de rechten van personen met een handicap. Daarom is de wet in 2017 uitgebreid naar goederen en diensten. Sinds 28 juni 2025 wordt ook een deel van de Europese toegankelijkheidswet via deze wet geregeld.
De Wgbh/cz geldt voor zowel publieke als private organisaties. De wet geldt voor:
- Arbeid: werk aanbieden, arbeidsvoorwaarden, bevordering, scholing en arbeidsomstandigheden. Dit geldt voor alle werkgevers.
- Het vrije beroep: de toelating tot en uitoefening van zelfstandige beroepen, zoals artsen, advocaten en notarissen.
- Goederen en diensten: producten en diensten aanbieden door bedrijven, overheden en instellingen. Denk aan winkels, webshops, horeca, banken, musea, theaters, sportscholen, ziekenhuizen en scholen.
- Wonen: woonruimte aanbieden, huren, kopen of bemiddelen.
- Openbaar vervoer: de toegang tot stations en haltes, het aanbieden van vervoer en reisinformatie.
De verplichtingen zijn:
- Je mag mensen met een beperking of chronische ziekte niet anders behandelen dan mensen zonder beperking. Je mag ze niet weigeren, uitsluiten of benadelen.
- Vraagt iemand met een beperking om een aanpassing? Dan ben je verplicht om die te maken, tenzij de aanpassing te duur of te zwaar is. Het toelaten van assistentiehonden hoort hier in ieder geval bij.
- Je moet stap voor stap werken aan de toegankelijkheid van je producten en diensten voor mensen met een beperking.
Let op: De Wgbh/cz is een wet tegen discriminatie. De wet stelt geen technische eisen aan bijvoorbeeld websites.
Uitzonderingen in de Wgbh/cz
Het verbod op discriminatie geldt niet als:
- het verschil in behandeling nodig is voor de veiligheid of gezondheid
- het verschil in behandeling bedoeld is om speciale voorzieningen te bieden aan mensen met een beperking
- het verschil in behandeling bedoeld is om achterstanden van mensen met een beperking weg te nemen, en het verschil in verhouding staat tot dat doel
Indirect onderscheid is toegestaan als er een goede reden voor is en de manier waarop het gebeurt passend en nodig is.
Onevenredige last
De Wgbh/cz verplicht tot het maken van aanpassingen, maar niet als dit een onevenredige belasting vormt. Bij deze afweging let je op:
- hoe groot de organisatie is
- hoeveel geld en mensen er beschikbaar zijn
- wat het kost om het probleem op te lossen
- wat het oplevert voor mensen met een beperking
Misstand melden
Als je discriminatie ervaart op grond van een beperking of chronische ziekte, kun je een klacht indienen bij het College voor de Rechten van de Mens. Het College onderzoekt of er sprake is van discriminatie en geeft een oordeel. Dit oordeel is niet juridisch bindend. Het College kan geen boetes of schadevergoedingen opleggen..
Wil je een schadevergoeding? Dan kun je naar de rechter stappen. De rechter moet het oordeel van het College meenemen in de afweging. Daarbij geldt een bijzondere regel: als jij aannemelijk maakt dat je gediscrimineerd bent, moet de andere partij bewijzen dat dat niet zo is.