Spraakbeperking

Mensen met een spraakbeperking hebben problemen bij het produceren van spraak die herkenbaar is voor anderen of door spraakherkenningssoftware. Het volume of de duidelijkheid van iemands stem kan bijvoorbeeld moeilijk te verstaan zijn.

Mensen met een spraakstoornis hebben te maken met obstakels bij webapplicaties die worden bediend met behulp van spraakcommando’s of andere op spraak gebaseerde diensten. Om van dit soort diensten gebruik te kunnen maken, hebben mensen met een spraakbeperking alternatieve vormen van interactie nodig, zoals een tekstgebaseerde chat om te communiceren met medewerkers van de helpdesk.

Voorbeelden van drempels

  • Webgebaseerde diensten die uitsluitend op interactie met behulp van spraak berusten.
  • Websites die een telefoonnummer aanbieden als de enige manier om met de organisaties te communiceren.

Fysieke beperking

In de categorie fysieke of motorische beperking vallen onder andere mensen met coördinatieproblemen, onvrijwillige bewegingen (spasmen of tremors), verlamming, en mensen met ontbrekende ledematen.

Om gebruik te maken van een computer en het internet, gebruiken mensen met een fysieke of motorische beperking vaak gespecialiseerde hardware en software zoals:

  • spraakherkenning, eyetracking en andere oplossingen voor handsfree interactie;
  • een hoofdaanwijzer, mondstok en andere hulpmiddelen om te helpen bij het typen;
  • een ergonomisch of speciaal ontworpen toetsenbord of muis;
  • een on-screen toetsenbord met trackball, joysticks of andere aanwijsapparaten;
  • schakelaars bediend door middel van voet, schouder, slok en trek, of andere bewegingen.

Mensen met een fysieke of motorische beperking kunnen problemen hebben met het klikken op kleine knoppen en hebben meer kans om fouten te maken bij het typen en klikken.

In Nederland zijn naar schatting van het CBS (externe link) 472.000 mensen met een ernstige motorische beperking.

Voorbeelden van drempels

  • Websites die geen volledige toetsenbordondersteuning bieden.
  • Bedieningselementen die geen gelijkwaardige tekstalternatieven hebben.
  • Inconsistente, onvoorspelbare en ingewikkelde manieren van navigeren.
  • Tijdslimieten op de website voor bijvoorbeeld het invullen van online formulieren.

Cognitieve beperking

Mensen met een cognitieve, leer- en neurologische beperking hebben te maken met een beïnvloedt zenuwstelsel. Dit kan invloed hebben op hoe goed mensen horen, zien, spreken, bewegen of informatie begrijpen. Zij kunnen hierdoor moeite hebben met concentratie, het verwerken van informatie of het begrijpen van lastigere teksten.

Voor het gebruiken van een computer en het internet gebruiken zij verschillende soorten hulpmiddelen, afhankelijk van de specifieke behoeften. Sommige zullen een screenreader gebruiken, terwijl anderen schermvergrotingssoftware gebruiken of inzoomen op de website.

Mensen met een cognitieve beperking hebben baat bij:

  • een gestructureerde pagina dat oriëntatie gemakkelijk maakt;
  • een consistente naamgeving invoervelden en onderdelen op de website;
  • voorspelbare functionaliteit en links;
  • verschillende manieren om door website te navigeren, zoals een menu, een sitemap of zoekmogelijkheid;
  • de mogelijkheid om knipperende, bewegende en afleidende en storende content uit te schakelen.

Voorbeelden van drempels

  • Ingewikkelde navigatie en paginalay-outs.
  • Complexe zinnen en moeilijke woorden.
  • Lange teksten zonder afbeeldingen, grafieken of andere illustraties om de tekst te ondersteunen.
  • Bewegende, knipperende of flikkerende content en achtergrondgeluiden die niet kunnen worden uitgeschakeld.
  • Webbrowsers en mediaspelers die geen mechanismen bieden om animaties en audio te onderdrukken.
  • Visuele opmaak die niet kan worden aangepast met behulp van aangepaste stylesheets.

Auditieve beperking

Mensen met een auditieve beperking hebben een gehoor dat in enige mate beperkt is. Hieronder vallen slechthorendheid en doofheid. Dove mensen hebben geen gehoor (meer) in beide oren. Slechthorende mensen hebben verminderd gehoor in één of beide oren.

Hierdoor is informatie die alleen via audio wordt overgebracht niet of beperkt toegankelijk voor mensen met een auditieve beperking, vooral als er achtergrondgeluid aanwezig is.

Mensen met een auditieve beperking maken onder andere gebruik van:

  • een transcript van de aanwezige audio, of een transcript of ondertiteling bij video;
  • een mediaspeler waarbij de tekstgrootte en tekstkleur van ondertiteling kan worden aangepast;
  • de mogelijkheid om het volume van audio te stoppen, pauzeren of aan te passen.

Voor veel mensen met een auditieve beperking is gebarentaal de eerste taal. Een gebarentolk biedt dan een oplossing. Maar er is ook een groep mensen met een auditieve beperking die (nog) geen gebarentaal kan. Deze groep bestaat bijvoorbeeld uit ouderen en mensen die recent doof of slechthorend zijn geworden.

In Nederland zijn naar schatting 1,5 miljoen doven en slechthorenden volgens de Stichting Hoormij (externe link).

Voorbeelden van drempels

  • Audio zonder tekstueel alternatief, of video zonder tekstueel alternatief of ondertiteling.
  • Mediaspelers die geen ondertiteling weergeven en die geen volumeregeling bieden.
  • Mediaspelers die geen opties bieden voor het aanpassen van de tekstgrootte en kleuren van de bijschriften.
  • Web-gebaseerde diensten, waaronder webapplicaties, die alleen afhankelijk zijn van interactie met behulp van spraak.

Visuele beperking

Mensen met een visuele beperking kunnen een website beperkt, of helemaal niet, visueel waarnemen. Denk hierbij aan blindheid of slechtziendheid. Daarnaast hebben sommige moeite, of zijn niet in staat, om bepaalde kleuren te onderscheiden van elkaar. Dit noemen we kleurenblindheid.

Mensen met een visuele beperking gebruiken vaak een aangepaste weergave van websites zij het beter kunnen gebruiken.

Blindheid

Blinde mensen kunnen helemaal geen informatie visueel waarnemen. Zij luisteren doorgaans naar een voorgelezen versie van een website, bijvoorbeeld met een screenreader of een brailleleesregel. Blinde mensen zijn afhankelijk van een toetsenbord voor het bedienen van een website.

Uit cijfers van het Sociaal Cultureel Planbureau (externe link) blijkt dat er in Nederland naar schatting 76.000 blinde mensen zijn.

Slechtziendheid

Slechtziende mensen kunnen informatie maar beperkt waarnemen. Zij gebruiken doorgaans schermvergrotingssoftware of zoomen in op een website. Slechtziende mensen hebben baat bij een een website met een hoog kleurcontrast.

Slechtziendheid komt voor bij ongeveer 222.000 mensen van de Nederlandse bevolking volgens cijfers van het Sociaal Cultureel Planbureau (externe link).

Kleurenblindheid

Kleurenblinde mensen kunnen informatie doorgaans goed waarnemen. Toch heeft deze groep ook last van beperkingen als alleen kleur wordt gebruikt voor het overbrengen van belangrijke informatie.

Ook mensen met kleurenblindheid hebben baat bij een een website met een hoog kleurcontrast.

Kleurenblindheid komt in Nederland voor bij ongeveer 1 op de 12 mannen en bij ongeveer 1 op de 250 vrouwen. (bron: Wikipedia-Kleurenblindheid (externe link)). Dit komt neer op ongeveer 750.000 mensen van de Nederlandse bevolking.

Voorbeelden van drempels

  • Afbeeldingen en bedieningselementen die geen gelijkwaardige tekstalternatieven hebben.
  • Tekst, afbeeldingen en paginalay-outs die niet kunnen worden aangepast of die informatie verliezen bij het aanpassen van het formaat.
  • Ontbrekende visuele en niet-visuele oriëntatielijnen, paginastructuur en andere navigatiehulpmiddelen.
  • Video die geen tekst- of audio-alternatieven of een audiobeschrijvingsspoor heeft.
  • Inconsistente, onvoorspelbare en te ingewikkelde navigatiemechanismen.
  • Tekst en afbeeldingen met onvoldoende contrast tussen voor- en achtergrondkleur.
  • Websites en webbrowsers die het gebruik van aangepaste kleurencombinaties niet ondersteunen.
  • Websites en webbrowsers die geen volledige toetsenbordondersteuning bieden.